
Ontdek de Canon van Nederland: de 50 belangrijkste gebeurtenissen en personen
Deel op sociale media:
De ‘Canon van Nederland’ bestaat uit 50 belangrijke gebeurtenissen, personen en ontwikkelingen. Scholen gebruiken de canon om geschiedenis te leren en cultuur door te geven. Lees in dit artikel meer over de canon.
Wat is de canon van Nederland?
De ‘
De belangrijke onderdelen van de Nederlandse cultuur en geschiedenis worden via school doorgegeven aan nieuwe generaties. De canon wordt gebruikt in het onderwijs op de basisschool en in de eerste jaren van de middelbare school.
De canon kan ook helpen bij integratie. En de canon kan het gevoel van nationale identiteit sterker maken.
Wat is het doel van de canon?
De canon laat de Nederlandse geschiedenis zien in de juiste volgorde. Dit gebeurt aan de hand van 50 belangrijke gebeurtenissen, personen en ontwikkelingen. Samen hebben zij Nederland gevormd. De onderwerpen hebben nog steeds invloed op de samenleving, cultuur en politiek.
De canon geeft een duidelijk beeld van de Nederlandse cultuur en geschiedenis. Er is aandacht voor mooie momenten, maar ook voor een kritische kijk op het verleden.
Welke onderwerpen staan in de canon?
Hieronder vind je een overzicht van de verschillende periodes in de Nederlandse geschiedenis. Sommige onderwerpen uit dit overzicht zijn al verder uitgewerkt in een artikel op RefugeeHelp. Binnenkort worden nog meer onderwerpen uitgewerkt.
Prehistorie en Oudheid (tot 500)
In de prehistorie leefden mensen als jager en verzamelaar (± 5500 v.Chr.). Ze leefden van de natuur. Later kwamen de boeren. Zij begroeven hun doden in hunebedden (± 3000 v.Chr.). De Romeinen brachten grote veranderingen: de Romeinse Limes (47 - ± 350) was de noordgrens van hun rijk en bracht handel, wegen en cultuur. In deze tijd zien we hoe de eerste bewoners van Nederland leefden. En we zien de invloed van de Romeinen.
Vroege Middeleeuwen (500 – 1000)
Na de Romeinse tijd verspreidde het christendom zich in de Lage Landen. Missionarissen zoals Willibrord (658–739) speelden hierin een belangrijke rol. Keizer Karel de Grote (742–814) bouwde een groot rijk. Er ontstond meer eenheid in bestuur en cultuur. In deze periode zien we de overgang van losse stammen naar georganiseerde rijken. Macht en godsdienst waren nauw met elkaar verbonden.
Late Middeleeuwen (1000 – 1500)
In de late middeleeuwen groeiden de handel en de steden. De Hanze (1356 - ± 1450) zorgde voor samenwerking tussen handelssteden. Ook ontwikkelde de Nederlandse taal zich. Een belangrijk voorbeeld is het gedicht “Hebban olla vogala” (± 1075). Er waren schilders als Jeroen Bosch (± 1450–1516). Maria van Bourgondië (1457–1482) speelde een belangrijke rol in de politiek. In deze periode zien we de bloei van de cultuur, economie en bestuur in de Nederlanden.
Renaissance & Opstand (1500 – 1600)
Tijdens de renaissance gingen mensen anders denken over mens en samenleving. Een voorbeeld daarvan is Erasmus (± 1469–1536). Ook groeide het verzet tegen de Spaanse overheersing in Nederland.
Gouden Eeuw (1600 – 1700)
De 17e eeuw was een tijd van grote bloei. Handel door de
Verlichting & Revoluties (1700 – 1800)
In de 18e eeuw was het verstand en de wetenschap belangrijk. Eise Eisinga (1744–1828) bouwde een planetarium, en het boek ‘Sara Burgerhart’ (1782) ging over vrijheid. De patriotten (1780–1795) wilden meer democratie. Alles veranderde door de komst van Napoleon Bonaparte (1769–1821). Toen begon de Franse tijd in Nederland. De oude macht verdween en er kwam vernieuwing.
19e eeuw: Koninkrijk en industrialisatie
Na de Franse tijd werd Nederland een koninkrijk. De eerste koning was Willem I (1772–1843). Nederland werd snel modern: de eerste spoorlijn (1839) verbeterde vervoer en de Grondwet (1848) legde de basis voor democratie. In de Max Havelaar (1860) werd de slechte situatie in Nederlands-Indië beschreven. Het Kinderwetje van Van Houten (1863–1901) beschermde kinderen. Kunstenaars zoals Vincent van Gogh (1853–1890) en hervormers
20e eeuw: Oorlog en verandering
In de 20e eeuw waren er veel oorlogen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914–1918) was Nederland neutraal. Tijdens de Tweede Wereldoorlog (1940–1945) werd Nederland bezet en werden Joodse mensen vervolgd, zoals blijkt uit het verhaal van Anne Frank (1929–1945). Anton de Kom (1898–1945) streed tegen onrecht. Na de oorlog was de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië (1945–1949). In deze periode zien we de gevolgen van oorlog en kolonialisme.
Naoorlogse tijd (1945 – 2000)
Na 1945 werd Europa weer opgebouwd. Landen in Europa gingen meer samenwerken. De watersnoodramp (1953) liet de strijd tegen het water zien. De televisie (vanaf 1948) veranderde het dagelijks leven. De
Hedendaagse tijd (2000 – nu)
Nu spelen er weer nieuwe vraagstukken. Energie en milieu staan centraal, zoals bij kolen en gas (1974–2023). De band met het Caribisch gebied (1975–2010) blijft belangrijk. Internationale verantwoordelijkheid blijkt uit Srebrenica (1995). Tegelijk verbindt sport mensen door het Oranjegevoel (vanaf 1974). We zien hoe Nederland omgaat met globalisering, diversiteit en grote maatschappelijke uitdagingen.
De canon wordt soms aangepast
De geschiedenis verandert niet, maar onze visie erop wel. Daarom wordt de canon soms aangepast. Zo past hij beter bij nieuwe inzichten.
De belangrijkste kritiek op de canon uit 2006 was de verhouding tussen mannen en vrouwen. Van de 50 vensters gingen er maar 3 over een vrouw. Ook kwam er steeds meer kritiek op de ‘zwarte bladzijden’ in de canon, zoals de geschiedenis van de slavernij. Veel mensen vonden dat de canon een te mooi en te positief beeld gaf van Nederland als succesvol land.
Daarom werd de canon in 2020 aangepast. Er is nu meer aandacht voor diversiteit, zoals de rol van vrouwen, migranten en verschillende regio’s. Ook is er meer aandacht voor moeilijke onderwerpen, zoals slavernij en kolonialisme.